Tarquinius Johannes Noyon, 18481929 (aged 80 years)

Name
Tarquinius Johannes /Noyon/
Birth
Occupation
Procureur Generaal van de Hoge Raad
Residence
Sneek Amsterdam Winschoten Denhaag Soest
Birth of a sister
Birth of a sister
Birth of a sister
Death of a sister
Birth of a sister
Death of a maternal grandfather
Birth of a brother
Event 1
Leiden, gepromoveerd cum laude: Rechten
January 27, 1872
Death of a paternal grandmother
Marriage
Birth of a son
Birth of a daughter
Birth of a son
Death of a father
Death of a mother
Marriage of a son
Death of a sister
Ethnicity/Relig.
bij geboorte doopsgez.,later agnosticus.
Comment 1
Auteur van een serie commentaren op de
Comment 2
jurisprudentie van de Hoge Raad, die nog
Comment 3
heden gezag heeft in moderne bewerking
Comment 4
(Noyon-Langemeyer)
Death
Family with parents
father
18171893
Birth: August 2, 1817 24 21 Harlingen, Friesland, Nederland
Death: August 19, 1893Oosterbeek, Renkum, Gelderland, Nederland
mother
18251905
Birth: June 18, 1825 35 27 Sneek, Friesland, Nederland
Death: April 2, 1905S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
Marriage MarriageJune 25, 1846Sneek, Friesland, Nederland
14 months
elder brother
18471848
Birth: August 18, 1847 30 22 Sneek, Friesland, Nederland
Death: September 11, 1848Sneek, Friesland, Nederland
16 months
himself
18481929
Birth: December 24, 1848 31 23 Sneek, Friesland, Nederland
Death: July 31, 1929Soest, Utrecht, Nederland
17 months
younger sister
18501937
Birth: May 5, 1850 32 24 Sneek, Friesland, Nederland
Death: April 17, 1937S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
2 years
younger sister
18521941
Birth: June 18, 1852 34 27 Sneek, Friesland, Nederland
Death: June 12, 1941S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
22 months
younger sister
18541855
Birth: April 3, 1854 36 28 Sneek, Friesland, Nederland
Death: December 12, 1855Sneek, Friesland, Nederland
2 years
younger sister
18561924
Birth: June 4, 1856 38 30 Sneek, Friesland, Nederland
Death: November 26, 1924S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
5 years
younger brother
18611942
Birth: August 15, 1861 44 36 Sneek, Friesland, Nederland
Death: December 12, 1942S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
Family with Louize Catharina Elizabeth van Valkenburg
himself
18481929
Birth: December 24, 1848 31 23 Sneek, Friesland, Nederland
Death: July 31, 1929Soest, Utrecht, Nederland
wife
18631943
Birth: April 20, 1863 38 29 Winschoten, Groningen, Nederland
Death: April 15, 1943S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
Marriage MarriageJuly 26, 1887Winschoten, Groningen, Nederland
11 months
son
18881967
Birth: June 7, 1888 39 25 Winschoten, Groningen, Nederland
Death: November 17, 1967Enschede, Overijssel, Nederland
14 months
daughter
18891967
Birth: July 21, 1889 40 26 Winschoten, Groningen, Nederland
Death: September 11, 1967S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
1 year
son
18901966
Birth: July 9, 1890 41 27 Leeuwarden, Friesland, Nederland
Death: December 22, 1966S-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland
Shared note

Commandeur Nederlandse Leeuw
Grootkruis Oranje Nassau
Tarquinius Johannes Noyon voltooide zijn sinds 1861 begonnen gymnasiale opleiding aan het Amsterdams Stedelijk Gymnasium in 1866 en werd vervolgens student in de rechten aan het hoofdstedelijk Athenaeum Illustre dat evenwel niet de bevoegdheid bezat om titels en graden te verlenen. Dit laatste maakt verklaarbaar dat hij in zijn van 1866 tot 1871 doorgebrachte Amsterdamse studieperiode ook achtereenvolgens enige tijd te Utrecht en Leiden ingeschreven is geweest. Hij nam actief aan het studentenleven van de hoofdstad deel en vervulde functies in het corps en studentengezelschappen. Op 15 december 1868 deed Noyon kandidaatsexamen in Leiden. Tijdens de studie voor zijn doctoraal werkte hij aan de beantwoording van een in maart 1871 door de rechtsgeleerde faculteit te Utrecht uitgeschreven prijsvraag over de kansovereenkomsten. Een eervolle vermelding viel hem ten deel. Zijn doctoraal examen legde hij op 29 juni 1871 in Leiden af en hij promoveerde aan dezelfde Universiteit op 27 januari 1872 in de beide rechten magna cum laude op het proefschrift Het verzekerbaar belang van den crediteur in den zeehandel (Amsterdam, 1872), dat hem hetzelfde jaar nog een lovende bespreking in Themis opleverde.
Met de aanvaarding van de benoeming tot adjunct-commies aan het departement van Justitie op 14 september 1872 legde hij de grondslag voor een mooie carrière bij de staande magistratuur. In 1875 werd hij substituut-officier in Brielle, het volgend jaar te Rotterdam en in 1884 volgde de benoeming tot officier van Justitie in Winschoten. Ondertussen gaf hij met G.A. van Hamel het werk uit van M. Schooneveld P. Jz., Het Wetb. van Strafrecht... ('s-Gravenhage, 1876-1887). Na vanaf 1890 dezelfde functie te Leeuwarden bekleed te hebben, werd hij op 6 januari 1896 advocaat-generaal bij het Hof aldaar.
Omstreeks die tijd verscheen zijn belangrijkste werk Het Wetboek van Strafrecht verklaard (1896-1900), dat niet alleen verschillende herdrukken beleefde, maar zelfs in onze tijd, na eerst door G.E. Langemeijer en vervolgens door J. Remmelink bewerkt te zijn, nog steeds zijn nut bewijst voor studie en praktijk. Het is een commentaar en geen leerboek. Noyon behandelt in zijn 'Inleiding': opzet bij misdrijf en wederrechtelijkheid, schuld bij misdrijf en opzet en schuld bij overtredingen (Pompe). Zijn commentaar getuigt van scherpzinnigheid en zelfstandig oordeel, maar volgens D. Simons is er nogal wat af te dingen op zijn beschouwingen bij algemene leerstukken (Themis 77 (1916) 491). Ongetwijfeld zullen Noyons publikaties en conclusies in zijn kwaliteit van A.G. van het Hof te Leeuwarden de weg hebben geplaveid voor zijn benoeming tot A.G. bij de Hoge Raad op 9 maart 1899. De bekroning van zijn loopbaan kwam op 30 augustus 1907 toen hij na de dood van C. Polis procureur-generaal werd bij ons hoogste rechtscollege, een ambt dat hij twintig jaar zou bekleden.
Ondertussen publiceerde hij verschillende werken waarvan een der bekendste is Het Wetboek van Strafvordering (Arnhem, 1926 [= 1925]) - een artikelsgewijs commentaar met aantekeningen te gebruiken als handleiding voor de toepassing van de nieuwe wet. Volgens J.V. van Dijck had dit werk 'onmiskenbare leemten', maar het verdiende toch naast andere boeken geraadpleegd te worden (Rechtsgeleerd Magazijn 45 (1926) 97 en 98).
Op 1 mei 1927 nam Noyon ontslag als procureur-generaal bij de H.R. Wat in zijn werken op het gebied van het strafrecht opvalt is de helderheid en de van alle gewichtigheid verstoken eenvoud van zijn stijl, trekken die geheel pasten bij zijn wijze van optreden. Deze magistraat die meer dan 50 jaar het Openbaar Ministerie op voortreffelijke wijze gediend heeft, stierf op 31 juli 1929.
P: <pgedeelte>Behalve de in de tekst genoemde werken: Het Wetboek van Strafvordering opgehelderd door de jurisprudentie van den Hoogen Raad ('s-Gravenhage, 1908); De Wet van 12 juni 1915. Stbl. no. 247 ... - en De Wet van 2 Aug. 1915. Stbl. no. 365 ... (Arnhem, 1916); Het Wetboek van Strafrecht verklaard. Ie dr. (Groningen, 1896-1900. 3 dln.), 5e en 6e dr. bew. door G.E. Langemeijer en 7e dr. bew. door J. Remmelink (Arnhem, [1972-]) losbladig.
L: <lgedeelte>Weekblad van het Recht (W) 69 (1907) 8586 (11 okt.) 1-2; Nederlands Juristenblad (NJB) 2 (1927) 275; W 89 (1927) 11644 (25 april) 4; ibidem, 11646 (29 april) 8; ibidem 91(1929) 12001 (6 aug.) 4; NRC, 1-8-1929 av.; De Telegraaf, 1-8-1929 av.; Algemeen Handelsblad, 1-8-1929 av.; W.P.J. Pompe, Geschiedenis der Nederlandse strafrechtswetenschap . . . (Amsterdam, 1956 [= 1957]) 386-387. [= Geschiedenis der Nederlandsche rechtswetenschap. II: 3.].